Bild : Image : Beeld

Ikonen in Bremen

De tentoonstelling Ikonen, was wir Menschen anbeten, in de Kunsthalle Bremen duurt nog tot 1 maart 2020. Een hele fraaie opstelling van kunstwerken en iconisch geachte voorbeelden.

De binnenkomst is tamelijk overdonderend door de geluidsinstallatie van Janet Cardiff, The Forty-Part Motet uit 2001, bestaand uit 40 speakers op standaards waardoor individuele stemmen evenals het hele koorstuk al wandelend te beluisteren is. Elk half uur ongeveer een kwartier lang. Een indrukwekkend werkstuk dat goed weergeeft hoe beeldende kunst zich hedendaags verhoudt tot een cultuur van objectivering en ideologie. Er is sprake van vervoering, er is sprake van transdisciplinering, er wordt vertrouwd op een ruimte (gemaakt) voor een individuele omgang met anderen.

Hierna volgt een parcours waar het uitgangspunt steeds duidelijker wordt,  namelijk de achtergrond van het Ikoon als religieus aandenken en de verdere spiritualisering van beeldende kunst en kunstervaringen in navolging hiervan. Goed, inderdaad worden naast altaar-vormige installaties ook min of meer bekende kunsthistorisch cruciale werken getoond of althans wordt hieraan gerefereerd. Malewitsch, Duchamp, Beuys en Van Gogh ontbreken niet, maar het ingetogene en verrassende van de hele tentoonstelling is dat elk werk, elke installatie, krijgt zijn eigen zaal of kabinet en er worden juist ook tamelijk onbekende stukken getoond. Door daarbij ook specifieke ingrediënten uit de populaire media-cultuur erbij te betrekken ontstaat er een een soort van gedachtenwisseling. De iconische projectie beweegt zich in deze confrontatie tussen voorwerp, imago, identiteit, stijl, branding, markt en panlogisme.

“Die Interpretation des traditionellen Ikonen-Gedankens in der Kunst wird so mit dem Phänomen der Ikonisierung in unserer alltäglichen Lebenswelt kontrastiert.” (kunsthalle-bremen.de)

*DeFKa Research SC magazine wijdt het tweede nummer, november 2020, aan het thema ‘Idolen en Iconen’. Essays inzenden voor 1 september 2020.

* Op foto, part of: Thomas Huber’ Vis-à-vis, 2014; Joseph Kosuth ‘A.A.I.A.I.’, 1968.

*Die Kunsthalle Bremen is het resultaat van de Kunstverein sinds 1823.

 

 

Strax – Poëzie

In de komende Week van de Poëzie 2020 presenteren wij op vrijdag 31 januari een poëzieavond van 7-9 uur, met voordrachten van Martje Wijers, Justin Westera en Bert Struyvé. De muzikanten zijn Erwin Reinders en Sjoerd Brouwer. We kozen voor deze avond als titel STRAX dat verwijst zowel naar het huidige thema van de week – De toekomst is Nu – als naar het verleden waarin DeFKa onder dezelfde titel in de septembermaanden vijf keer een buiten-performanceweekeind organiseerde in de periode 2004-2008. Zie hiervoor defka.nl: Historie.  Adres: Gedempte Singel 11, Assen.

A7B03DB8-EB7A-45AA-9DBA-5717B6959F7E

 

 

 

 

Erkend talent

Wij feliciteren de beeldend kunstenaars Klaas Hendrik Hantschel en Wim Warrink met hun Werkbijdrage van het Mondriaanfonds. Hantschel werkte mee aan het project en de publicatie Universalisme dat we in het Drents Archief presenteerden in april 2019. Warrink exposeerde zijn geluids-installaties bij ons in het SMAHK van 17 september tot en met 15 oktober 2017. Hiervan maakten we een mooie clip voor het archief.

Ook feliciteren wij Iduna Paalman met de Vk-nominatie ‘literair talent van het jaar 2020’ en de publicatie van haar dichtbundel: De grom uit de hond halen. Paalman droeg haar gedichten voor bij ons in de boekhandel tijdens de week van de poëzie op 31 januari 2018.

 

 

Twintig in 21

In het nieuwe jaar beginnen we met de redactie van het nieuwe magazine DeFKa Research SC. Deadline voor inzendingen is 15 januari. Thema van het eerste nummer is Montage. Voor inlichtingen: info@defka.nl

Op vrijdag 31 januari organiseren we een poëzieavond met onder anderen Martje Wijers en Justin Westera; in Boekhandel Van der Velde, Assen.

Van 30 januari tot en met 5 februari is het de nationale PoëzieWeek met het thema ‘De toekomst is nu’.

De komende tijd gaan wij weer ons best doen om u een mooi programma te bieden en zullen ons opnieuw inzetten voor de hedendaagse kunst in Assen. Daarbij werken we samen met o.a. MetaForum Assen en de initiatiefgroep De Nieuwe Kunsthal.

A41838A2-2E7A-4DBE-B152-4930F5EC98CE

 

 

 

 

Last en Lust

In 2012 organiseerde DeFKa samen met LAPS-Rietveld Academie een debat onder de titel Investigations 2. Onder meer sprak daar Jonas Staal over zijn engagement in relatie tot PHD-artistic research. Het ging over het maken van kunst dat zeker niet weggezet kan worden als alleen maar ‘een kritische theorie’. Datzelfde jaar publiceerde Gijs van Oenen een artikel over Habermas in DWR 155 waarin hij de mogelijkheid van een ‘metaverhaal’ behandeld door het relativerend postmodernisme van Lyotard af te zetten tegen het open discussieformat van Habermas. Een jaar eerder publiceerde Gijs van Oenen ook al in DWR (152) een artikel over ‘cultureel activisme’ waarin hij reeds de termen “interactieve metaalmoeheid” en “geslaagde emancipatie” hanteert. Termen die hij in breder verband weer in zijn recente lezing (2019) gebruikt om duidelijk te maken dat onze democratische ontwikkeling en verworvenheden een continue proces inhoudt maar tegelijkertijd ook een soort beslag, een culturele ‘belasting’, legt op onze maatschappelijke aanwezigheid. Hetgeen leidt tot zijn vraag naar hoe dynamisch, veelzeggend en vooral hoe kwalitatief effectief is democratie nog als interactief systeem naast onze dagelijkse leefwereld. Van Oenen constateert dat de hoeveelheid aan- en inspraken van ‘tegenpublieken’ alleen maar toeneemt, vaak ook gestimuleerd door een faciliterende overheid. Zelf vraagt hij zich af of de verplichting tot interactie misschien eerder dwangmatig is dan positief participerend en bespreekt zogezegd de optie naar een meer vertrouwenwekkende relatie van persoonlijke leefwereld met de maatschappij: het democratisch systeem. Hierbij zouden we dan ook kunnen accepteren dat technologische ontwikkelingen als algoritmische datamining eerder kennisverrijkend zijn, meer keuzes offreren, dan vrijheid- en cultuurbeperkend.

De historische kern van zijn betoog verknoopt de democratisering met de (vermoedelijke, genaderde) voltooiing van emancipatie. Institutioneel vooral sinds de 18e eeuw vooruit geholpen door informele openbare bijeenkomsten naar het voorbeeld van culturele locaties: theater, koffiehuizen, kunstkritieken. Filosofisch gezien concentreert Van Oenen zich op het vrije, niet-hiërarchische, gesprek en het dialectische discours zonder daarbij een definitieve begrenzing van normen en waarden aan te geven. Doe je dat wel, ligt het (risico) voor de hand dat je alleen het eigen gelijk beoogt te bereiken. Het is voor hem blijkbaar dé taak van de filosoof om altijd de keerzijde van de geschiedenis te kunnen objectiveren. Daarin is hij in zijn publicaties aantoonbaar consequent. Wat betreft het cultureel activisme schrijft hij bijvoorbeeld in 2011 dat “Mij zou het dus liever zijn als de kunst ons een middel tegen de emancipatiedrang zou kunnen leveren, bijvoorbeeld met werken waarin overidentificatie uitdrukking geeft aan ‘overemancipatie’.”

In een later stuk waarvoor het werk van Jonas Staal de directe aanleiding is, behandeld hij eveneens het systeemkritische functioneren van de geëngageerde kunstenaar. Wat is ‘de vrije rol’ van de hedendaagse kunstenaar nog, hoe bezien we het communicatieve handelen van de kunstenaar in het licht van zijn geëmancipeerde functioneren, binnen én buiten bestaande politieke systemen? Van Oenen is tamelijk behoedzaam in zijn conclusie: “De kunstenaar als ‘cultureel werker’: een educator, agitator en organisator die het symbolische universum van de niet-erkende staat ten tonele voert [enacts and performs].  Dat lijkt me de eigenlijke rol van Staal. Politiek ‘radicaal’ is die rol niet, want ze wordt vooral binnen de kaders van kunstinstellingen vertolkt en kunst kan in principe een waaier aan politieke doelen dienen. Maar zij is wel principieel dienstbaar aan de strijd van de statelozen, en dat is naar mijn idee de enige rol die Staal werkelijk ambieert.” Concreet ging het hier om Staals’ beeldende inzet voor Rojava, Syrië. Het is niet moeilijk om te moeten vaststellen dat dat experiment ter plaatse door internationale ontwrichting nu onder vuur ligt. De fatale tegenstelling tussen het artistiek opereren binnen ‘de kaders’ en daarbuiten is in hun dialectische wisselwerking, ook in dit geval inherent aan en een direct gevolg van, kunst als symbolische orde.

Noot: Gijs van Oenen, lezing 22 november 2019, Metaforum Assen; Gijs van Oenen, Overspannen democratie, 2018; DWR: De Witte Raaf, nrs. 152, 155, 176; Investigations 2, DeFKa/LAPS-Rietveld, 2012; Documentatie: Collectie DeFKa Research.

 

 

Lezing Gijs van Oenen

Op vrijdag 22 november 2019 om 20.00 uur geeft Gijs van Oenen een lezing in Podium Zuidhaege, Zuidhaege 2, Assen.

De titel luidt ‘Emancipatie en democratie: van lust tot last?’

Entree € 10,00

Opgeven: info@metaforumassen.nl

Zie: metaforumassen.nl

Het betreft een Lezing in het kader van de November Filosofiemaand Assen.

 

Emancipatie en democratie: van lust tot last?

Hebben we meer democratie nodig? Betere democratie? Bijna iedereen zegt: Natuurlijk! In de lezing betoogt Gijs van Oenen het tegendeel. We zijn onszelf aan het overladen met democratie. We verwachten er te veel van en het eist te veel van ons. Er ontstaat een overspannen democratie met burgers die burn-out raken. De reden is niet dat democratie iets slechts is, of dat moderne burgers falen. Democratie is juist een succes en zowel burgers als bestuur willen zich er tegenwoordig volledig voor inzetten. Maar juist omdat we ‘alles uit de democratie willen halen wat erin zit’, wordt deze ons te veel van het goede en gaat zij ons opbreken. We moeten ons daarom afvragen waarom we zo in de ban zijn geraakt van democratie. Wat doet het met ons en waar leidt het toe? Het antwoord op zulke vragen voert ons naar de filosofische oorsprong van de moderne democratie, die is gelegen in het streven naar emancipatie van alle mensen. Emancipatie betekent dat iedereen zichzelf mag bepalen en niet afhankelijk is van bevoogding of betutteling door anderen. Nu de emancipatie op veel fronten is verwezenlijkt, dienen zich onbedoelde en onvoorziene gevolgen van dit succes aan: nu moeten we onszelf ook gaan bepalen. De mogelijkheid van zelfverwerkelijking, ooit een wenkend nieuw perspectief, wordt nu mede een drukkende last. Iets dergelijks geldt voor de democratie, die we immers kunnen zien als de politieke implicatie van emancipatie. Deze analyse leidt tot een prikkelende diagnose van de ‘democratische vermoeidheid’ van de moderne mens: hij dreigt te bezwijken onder zijn eigen emancipatoire en democratische ambities.

 Gijs van Oenen is universitair hoofddocent aan de Erasmus School of Philosophy, Erasmus Universiteit Rotterdam. Daar richt hij zich op politieke en sociale filosofie, rechtsfilosofie en filosofie van mens en cultuur.

DeFKa Research participeert in de organisatie van de Metaforum activiteiten.

 

 

Sandberglezing 2019 geannuleerd

De 15e Sandberglezing die Arno van Roosmalen op vrijdag 8 november in het Drents Archief zou houden is wegens ziekte helaas geannuleerd.

Ook de forumdiscussie over archivering is hiermee komen te vervallen.

 Wel zijn wij van 12.00 tot 15.00 uur in het Drents Archief aanwezig om informatie te geven over ons nieuwe tijdschrift DeFKa Research SC. De introductie van ons nieuwe tijdschrift DeFKa Research SC gaat in April 2020 gewoon door en wellicht dat daarin tekstuele bijdragen van de spreker en forumleden worden opgenomen. Tijdens de presentatie in April zal de discussie over archivering plaatsvinden.

 Uiteraard wensen we Arno van Roosmalen beterschap en hopen op een bijdrage van hem in de toekomst.